Bestuursrechtelijke maatregelen

Met een recent gewijzigd pakket van nieuwe bestuursmaatregelen wil de regering het aantal verkeersslachtoffers als gevolg van het rijden onder invloed van alcohol nog verder terugdringen.

driving Het gaat om een pakket van maatregelen waarbij de maatregel afhankelijk is van de ernst van de alcoholovertreding en de rijervaring van de bestuurder.
Op grond van de door de politie aan het CBR uitgebrachte mededeling en de geconstateerde feiten kan het CBR de volgende sancties verplicht opleggen.

LEMA(Lichte Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer).
De LEMA is een cursus die opgelegd wordt aan mensen die onder invloed van alcohol, 0.5-0.8 ‰, deelgenomen hebben aan het verkeer en minder dan 5 jaar in het bezit zijn van hun rijbewijs. Duur van deze verplichte cursus is 2 dagdelen verspreid over 1 week. Het doel van deze cursus is mensen vroegtijdig te waarschuwen voor de gevaren van het rijden onder invloed en om herhaling van rijden onder invloed te komen.

meeting EMA (Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer).
De EMA is een cursus die opgelegd wordt aan mensen die onder invloed (alcoholpromillage tussen de 1,3 en 1,8 promille of twee maal boven de 0,8 promille) deelgenomen hebben aan het verkeer. Voor de beginnende bestuurder geldt een promillage tussen 0,8 promille en 1,3 promille.

Duur van deze verplichte cursus is 3 dagen, verspreid over 5 weken, voorafgegaan door een individueel gesprek van een uur met iedere deelnemer. Het doel is het realiseren van een gedrags- en mentaliteitsverandering bij cursisten met betrekking tot het gebruik van alcohol en verkeersdeelname.

Het CBR ontvangt na afloop van de LEMA of EMA cursus bericht over het verloop van de cursus. Is dat positief, dan blijft het rijbewijs geldig. Is het bericht negatief, bijvoorbeeld omdat de cursist niet of onvoldoende heeft deelgenomen aan de cursus, dan wordt het rijbewijs ongeldig verklaard.

in_car ASP (Alcoholslotprogramma)
Het ASP is een maatregel die vanaf 2011 kan worden opgelegd aan bestuurders met een promillage van boven de 1,3 promille. Beginnende bestuurders krijgen het alcoholslot vanaf 1,0 promille en recidivisten vanaf 0,8 promille. Het bestaat uit een alcoholslot in de auto en een begeleidingsprogramma.

Een alcoholslot is een startonderbreker in de auto waar de bestuurder eerst in moet blazen voordat de auto start. Het blaasapparaat is in de auto ingebouwd en registreert gegevens over hoe vaak er geblazen wordt, met welk promillage, op welke dag en op welk tijdstip. Ook registreert het apparaat eventuele fraudepogingen.

Het blaasapparaat blijft 2 jaar in de auto. De bestuurder moet bij elke startpoging eerst blazen. Wanneer de bestuurder een alcoholpromillage boven de 0,2 heeft, start de auto niet. Voor de duur van het alcoholslotprogramma geldt voor de betrokken bestuurder een alcohollimiet van 0,2 promille. Ook tijdens het autorijden moet de bestuurders periodiek blazen.

card Een aantekening in het rijbewijs geeft aan dat alleen in de auto met betreffende kenteken met gemonteerd alcoholslot mag worden gereden. Het rijden in een ander voertuig zoals aangegeven - ook al heeft deze ook een alcoholslot - wordt gezien als het rijden zonder rijbewijs.

Deelnemers van het ASP volgen een verplicht begeleidingsprogramma. Dit zal bestaan uit een aantal groepssessies en eindsessie.